zaterdag 8 augustus 2009

Ruwe diamant

Wakker worden met de meest prachtige liederen denkbaar, uitgevoerd door tientallen geoefende vogelkelen - ontwaken met de natuur gaat vanzelf in de Chapada Diamantina. We hebben genoten van een diepe slaap in dit overdonderd prachtige gebied. Werkelijk een ruwe diamant, maar één die je niet wilt polijsten. Hoe ruwer hoe mooier...

De zon gaat langzaam onder
De vorige avond zaten we op een bergtop en keken met ingehouden adem naar de zon die zichtbaar onder de horizon zakte. We werden getrakteerd op een spectakel van steeds dieper wordende kleuren die de omliggende rode en groene bergtoppen in vuur en vlam zetten. Net op tijd waren we. Bijna hadden we het niet mogen meemaken. Om tien over vijf trokken we de handrem aan en de laatste toeschouwers bleken om vijf uur vertrokken te zijn naar boven. Na een register charmes en smeekbeden in ons beste Portugees mochten we alsnog ('os crianças' blijkt het toverwoord). Kinderen zijn belangrijk voor Brazilianen en die wil zelfs een plichtsgetrouwe gids niet teleurstellen. Met de uitdrukkelijke opdracht op tijd naar beneden te komen, laat de gids ons vertrekken.

Als gemsen klauteren we de rotsen op, op weg naar de afgeplatte top die zo karakteristiek is voor de bergen van de Chapada Diamantina. Boven wanen we ons heel even god die na een dag hard werken op de resultaten van zijn inspanningen neerkijkt en ziet dat het goed is. Wat een uitzicht! Wat een vormen! Wat een kleuren! En met de minuut wordt het mooier dankzij de snel zakkende zon. Het uitzicht is adembenemend - de stilte indrukwekkend. Een gedenkwaardig moment dat allemaal even laten bezinken. Maar niet te lang. Ingedachtig de opdracht van de gids, storten we ons naar bendenen voordat het zo donker is dat we niets meer zien.

Lappen op de rots
We zijn neergestreken in Lençois, een charmant plaatsje en toegangspoort tot de Chapada Diamantina. Lençois, het portugese woord voor lappen of lakens. Heel toepasselijk - als we het dorp uitlopen met gids Lucio zien wij een groot aantal vrouwen de was doen in de watervallen en poelen. Hun schone was ligt uitgespreid te drogen op de rotsen. Onze gids Lucio is hier geboren en getogen. Hij spreekt in vloeiend Engels met veel liefde over de bergen, de bewoners en de natuur. Tot voor kort was dit een van de belangrijkste vindplaatsen voor industriële diamanten - het Panamakanaal en de metro's van London en Parijs zijn met de diamanten van de Chapada gegraven. Tot voor kort, want het zoeken van diamanten is nu verboden.

De Chapada is nu een beschermd natuurgebied dat leeft van eco-toerisme en we begrijpen waarom. De karakteristieke afgeplatte bergtoppen ommuren diepe ongerepte valeien. De hoogste waterval van Brazilie vind je hier: een vrije val van 320 meter. Het water bereikt de bodem nooit. Onderweg naar beneden is het al versplinterd in miljoenen kleine druppeltjes. Er ligt één dorpje in de Chapada zelf, waar alles per paard wordt aangevoerd. Te bereiken na een trektocht van 2 dagen. Tot voor kort leefde men hier alsof het 100 jaar terug was. Hoezo ontoegankelijk!?

Volgens onze gids Lucio zijn de beste gidsen nog altijd de oud-mijnwerkers. Zij kennen het gebied als hun broekzak, maar door hun gebrek aan opleiding zijn ze ongeschikt toeristen te gidsen. Een rafelig bestaan in de marge van de samenleving is al dat resteert. Lucio heeft echter de droom een aantal van hen op te leiden en een nieuwe toekomst te geven. We nemen ons voor hem te helpen zodra we terug zijn in Nederland. Kijken wat daar van komt...

Dirt roads
Zoals wel blijkt is de Chapada Diamantina een natuurgebied als een ruwe diamant, nog nauwelijks ontsloten voor toeristen. Althans, die komen er genoeg, maar zwermen er vooral omheen - voor zover de infrastructuur van ongemarkeerde 'dirt roads' dat toelaat. Chapada Diamantina blijkt een waar paradijs voor de echte natuurliefhebbers. Een gebied zo groot als half Nederland waar geen auto kan komen.

Zelfs er omheen rijden blijkt zo goed als onmogelijk. We willen een boottocht maken in het nabijgelegen wetland. Op goed geluk slaan we een dirt road in. In de wetenschap dat we geen flauw idee hebben waar we zitten en waar we heen gaan, maar met de zekerheid dat we altijd wel ergens uit zullen komen, rijden we door. Gedurende een uur worden we door elkaar geschud bij een snelheid van 10 km/u. Plots duiken er een paar hutten op: we blijken bij onze bestemming aangekomen. Deze plaats is gesticht door gevluchte slaven die hier aan de rand van een uitgestrekt wetland een nieuw en onvindbaar bestaan opbouwden. De plaats is wat ons betreft nog steeds zo goed als onvindbaar. En dit vond men hier een normale weg...

Een toegesnelde nazaat van de vluchtlingen gaat ons voor naar de waterkant. Onze gids hanteert de peddel in een tempo alsof we een buitenboordmotor hebben. Onvermoeibaar vindt hij zijn weg door het labyrinth van waterwegen. We wanen ons even terug in de tijd en in het bezit van onze eigen slaaf. Een verleidelijke maar erg foute gedachte, die we snel verdringen. Onze vrije gids is goud waard - hij ziet vogels en lokt ze met geluiden. Hij legt de boot regelmatig stil en wijst ons waar we moeten kijken. Het wordt een van de mooiste ervaringen in de Chapada.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten