Het is aardedonker - slechts een halfvolle maan en alle sterren van de goed zichtbare melkweg om ons te verlichten. Geen kunstlicht om de hemel vuilgeel te versmoezelen. We zitten klaar in de achterbak van een pick-up truck. Dekentje op schoot tegen de snel optrekkende kou. Voor ons staat een local met een schijnwerper in de hand.
"Ik vind het nu al leuk!" verkneukeld Marjolein zich zodra we 20 meter gereden hebben en de schijnwerper over het meer zwaait. Honderden rode lichtjes schijnen terug - het lijkt wel Kerstmis! Maar dat is het niet! Honderden Jacaré - de lokale variant van de kroko- liggen hier te wachten op wat komen gaat. Wist je dat de weerschijn van de ogen bij ieder dier van kleur verschilt? Ik was het even vergeten tot ik die bloedrode ogen zag. Ik vind het nu al leuk - die houden we er in.
Uit evenwicht
Onze truck slaat een onooglijk landweggetje in, terwijl wij op onze houten bankjes butsen. De schijnwerper flitst over de struiken en boschages aan beide zijden van de weg. Plots slaat hij op het dak van de cabine. Twee zachte klopjes en de auto komt onmiddelijk tot stilstand. De gids heeft akelig scherpe ogen, want hij ziet dingen die wij niet zien. Pas na een paar seconden zien we een paar ogen en oren tussen het hoge gras. Een steppewolf staart ons aan.
Wij staan op de banken om het goed te zien. Enige minuten kijken we naar kleine bewegingen in het gras. De schijnwerper flitst heen en weer om het dier uit zijn tent te lokken. Even later zien we hem sluipen door het gras. De gids vindt het blijkbaar goed geweest en geeft weer twee klopjes op het dak. De truck komt voor ons zonder waarschuwing in beweging en met een ´woow´ duikelen we bijna massaal uit de achterbak. Weer wat geleerd. Twee avondtochten doen we en die leveren veel prachtige dieren op, waaronder een ocelot die enige tijd naast de wagen voortloopt. Wat een machtig mooi dier! Het vergoedt een beetje voor het feit dat we geen jaguar te zien krijgen, waar we natuurlijk op hadden gehoopt. Maar de natuur laat zich niet dwingen...
Poolen tussen de krokodillen
Fazenda Arara Azul is voor ons het hoogtepunt. Het ligt in de middle of nowhere tussen enkele opdrogende meren met honderden jacaré - het is het droge seizoen en hier komen ze als vanzelf bijeen. Maar vooral de verschillende soorten papagaaien zijn overdonderend. Arara Azul betekent niet voor niets blauwe ara. ´s Morgens worden we gewekt door het gekrijs van een tiental blauwe ara´s. Zij en andere papagaaien komen regelmatig langs om te snoepen van de vele fruitbomen die om de fazenda staan.
De kinderen vermaken zich opperbest - ze adopteren een hond of drie (zwabber, stoffel, de toegedichte namen veranderen per uur) en leren poolen. Sterker, ze raken er in twee dagen tijd aan verslingerd. Ze worden daarbij geholpen de omvangrijke keukenhulp Luciana. Zij hanteert de queue´s met grote vaardigheid en leert de kinderen hoe ze moeten richten en stoten. Ondanks de taalverschillen weten ze de meest elementaire informatie uit te leggen: hoe ze heten, hoe oud ze zijn en dat ze zelf vier kinderen heeft. Ze wrijft demonstratief de tranen uit haar ogen als ze afscheid neemt. "Quel lindo" - wat zijn ze mooi zegt ze terwijl ze vertederd over de blonde haren aait. De kinderen adoreren haar...
Prachtig, maar toch...
Arara Azul is geweldig. Met vissen op piranha´s (of ze vetmesten, volgens onze gids aangezien menig aas van de haak gegeten wordt zonder vangst) en deze vervolgens voeren aan de krokodillen. Ontdekken dat kroko´s hoesten, niezen en grommen. Ontdekken dat capibari´s blaffen als een hond. En paardrijden door de bossen en het water en oog in oog staan met een gordeldier. Met een ochtendlijke ontmoeting met een troep wegstuivende en kwalijk grommende en snuivende Quatsi´s (neusbeertjes) die ons vanuit de bomen kwaad aankijken en proberen op ons te piesen. En tientallen soorten vogels die je niet zou kunnen bedenken.
De Pantanal schenkt ons een oneindige rijkdom aan exotische vogels, vleesetende vissen (al dan niet aan de haak geslagen), reptielen en zoogdieren. Ja, dat is zeker waar. Je ziet hier meer beesten dan in de Amazone, daar ben ik ook van overtuigd. Toch houden niet het echte jungle-gevoel over aan de Pantanal. Het gebied kent daarvoor niet genoeg ´bos´. Of tenminste, niet de stukken waar wij geweest zijn. We houden daarom toch een beetje dubbel gevoel over aan de Pantanal. Het zal hier heel anders zijn in het natte seizoen, maar dat begint pas in januari. Hmmm... toch nog maar eens terugkomen...
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten