zondag 27 september 2009

Het zout der aarde

We razen met meer dan 100 km/u naar een berg die maar niet dichterbij lijkt te komen. De wereld om ons heen is wit als een poolvlakte. Schijn bedriegt: de banden van onze 4x4 knerpen over een snoeiharde zoutkorst. Miljarden kilo's zout - gesorteerd in ontelbare hexagrammen - residu van een verdampte en inmiddels vergeten oceaan. Ingesloten geraakt en opgestuwd tot 4 km hoogte door de eeuwig bewegende tectonische platen. Je kunt de plaatjes zien en de verhalen lezen, maar dan nog is het niet voor te stellen hoe dit ooit ontstaan is.

Er ligt hier zoveel zout, dat alleen de randen van de Salar worden ontgonnen door hardwerkende zoutdelvers - dat blijkt voldoende om de zoutbehoefte van heel Bolivia te dekken. Wij maken onze eerste stop bij een dorp waar de grootste zoutverwerkende industrie van Bolivia is. Voor ons liggen overal zoutpyramides, opgeworpen door tanige mannen met grote droge handen: de zoutdelvers. Hard werk tegen een karige beloning. Een rondleiding aan een stel toeristen is een welkome financiele ondersteuning. Het vullen van een zakje zout levert minder dan 8 cent op. Desondanks veinzen we meer belangstelling dan we werkelijk hebben. Zout is zout. En ja dat moet in een zak. Wat anders? Maar goed we weten nu hoe lang het verhit moet worden, dat het gewicht van een kilozak zout zwaar onderhevig is aan willekeur, en dat het met een brander wordt dichtgesmolten.

Op de Salar blijkt het leuker te spelen met perspectieven dan met zout. Gekke foto's maken is een onontkoombaar gadget van de Salar. Dankzij de eindeloze monotomie van de zich herhalende witte hexagrammen vloeien afstanden als vanzelf ineen. De eindeloze witheid ontwricht elk gevoel voor verhoudingen, waardoor de meest surrealistische taferelen tot leven gewekt kunnen worden. Daan heeft een act met drumsticks bedacht, leeft zich uit en timmert zijn zussen op hun kop. Micky is meer een denker en projecteert Daan en Fleur zoals ze in haar ogen altijd zullen blijven: kleine broer en zus. En wij ouders kunnen eindelijk demonstreren hoe we onze kinderen in het gareel houden. Het oog van de camera legt alles genadeloos vast...

Slapeloze nachten
Overdag dromen we volop, 's nachts des te minder. Zodra de zon onder is, voel je de rap dalende temperatuur op je inwerken. De aanhaligheid van huiskat Gringo -door de kids vanwege verkeerde interpretatie omgedoopt in Pringles- zorgt ervoor dat we het onvermijdelijke nog even uitstellen. Na achten dringt de realiteit van een onverwarmd zouthotel (4000 m hoogte, winter) zich onweerlegbaar aan ons op. We zoeken de warmte in onze slaapzakken en kunnen deze zelfs onder een stapel dekens nauwelijks vinden. Draaiend en woelend worstelen we ons op te harde bedden naar de volgende ochtend.

En na een semi-slapeloze nacht staan we om zes uur op: de zonsopgang boven de zoutvlaktes moet spectaculair zijn! Toegegeven, de ontwakende wereld is fraai, maar met de kou dringt ook het besef door: het koudste moment van de dag is vlak na zonsopgang. Toch niet genoeg lamawollen truien ingekocht in La Paz. We lopen naar een plek waar we onbelemmerd kunnen aanschouwen hoe de zon uit zijn sponde kruipt en staan opeens oog in oog met een familie slaperige lama's die ons wantrouwig aankijkt. Zij hebben de trui aan die wij missen! Enigszins jalours zien we: zij hebben klaarblijkelijk wel lekker geslapen. Toch al verstoord verheffen zich statig op hun te dunne benen wandelen hooghartig van ons weg. De zon gluurt inmiddels over de bergrug en we geven elkaar en dikke knuffel. Deze is binnen!

Stof - heel veel stof
De drie daagse tour door de hoogvlaktes van Bolivia brengt ons niet alleen zout (en jeuk, want droog) maar ook stof, heel veel stof. We zien wervelwinden van stof en zandstormen door het desolate landschap razen. Af en toe worden we er door een gevangen en daalt het zicht tot nul. Per dag gaan de raampjes van onze dappere Landcruiser minder makkelijk open en dicht, om het op de laatste dag maar helemaal op te geven.

Fleur en Daan wanen zich in hun favoriete computerspel van Cars, telkens als we een andere Landcruiser inhalen en in dichte stofwolken achter ons laten. "Yeah!" roepen ze, en tegen de Robbert de chauffeur: "Jij bent de beste dirtrijder! Hier kan zelfs Takel niet tegenop." Robbert knikt instemmend en zegt meer tegen de auto dan tegen ons: "She's the best." Fleur en Daan hebben al weer een andere Landcruiser ontdekt die ons pad lijkt te snijden. "Die gaan we voorblijven! Kom op Robert!" Voor hen is het leven soms gewoon één groot spel. Maar een beetje gelijk geven we ze wel.

dinsdag 22 september 2009

La Dolce Vita in Sucre

Het leven is goed in Sucre. De hoofdstad van Bolivia is sfeervol, gezellig en overzichtelijk. Groot genoeg om uren te kunnen rondlopen, klein genoeg om niet te verdwalen. De historie ademt uit de vele monumentale gebouwen, parkjes en pleinen. Het is hier druk, maar minder opdringerig dan in La Paz - minder verkeer, minder straatverkoop, minder benauwd. De mensen zijn ook anders: toegankelijker. En het helpt natuurlijk dat het hier t-shirt weer is, zo eerlijk moeten we wel zijn. Kortom: we bloeien hier weer helemaal op.

Ons gasthuis heet La Dolce Vita (zo voelt het ook!) en is zonnig en ontspannen. Een patio met gezellige zitjes, boven een keukentje voor de gasten met een picknicktafel buiten, een lounche met lekkere banken, een tv en een bak dvd's. Niet te vergeten huiskat Mitchy (Quetshua - indiaans voor kat) die binnen no-time de harten van de kinderen heeft gestolen. En vele inspirerende gasten uit alle hoeken en gaten van de wereld. Het spreekt voor zich: we voelen ons hier dus onmiddellijk thuis.

We settlen ons voor een week en blijven uiteindelijk 10 dagen. Het voelt ook zo ontspannen: om de hoek een bakker met vier keer per dag vers stokbrood, een tiental kleine kruideniertjes voor de andere basisdingen en op vijf minuten loopafstand een geweldige overdekte markt waar je zonder problemen een uur kunt rondslenteren: Heerlijke sapjes (jugos) die ter plekke gemaakt worden (met gratis navulling!) en dan het fruit! Zo mooi uitgestald hebben we het nog nooit gezien. Elke dag kopen we een kilo aardbeien, die zonder omhaal binnen mum van tijd verdwijnen op brood of in de yoghurt, of gewoon met suiker uit de hand. Nee, het leven is goed in Dolce Vita, bijna te goed...

Magic Mitch
Nog even terugkomend op huiskat Mitch - die krijgt voor elkaar wat ons al jaren niet meer is gelukt: de meiden staan om 7 uur 's morgens op de gang. Bij de eerste de beste mauw van deze charmante viervoeter springen zij zonder omhaal het bed uit. "Och Mitch, kom dan Mitch." Vervolgens trekken ze zichzelf met kat en al terug in de slaapkamer om niet eerder dan half negen weer te voorschijn te komen. Wij zullen ons 's morgens voortaan ook al mauwend aandienen - misschien krijgen wij ook zo'n ontvangst...

Ons langer verblijf stelt ons in staat weer enig schoolritme op te bouwen. Micky, Fleur en Daan werken een weeklang keihard en doen aan het eind ieder een test. Het vervult ons als surrogaat leerkracht met onverholen trots dat de resultaten ronduit uitstekend zijn. Bovendien liggen we nu weer ongeveer twee weken voor op de 'gewone' school. Als we dit kunnen vasthouden, geeft dat de broodnodige speelruimte voor toekomstige uitstapjes waar we minder tijd hebben voor het schoolwerk.

Ook thuis is school inmiddels weer begonnen en het houdt de kinderen bezig. Fleur wordt op maandagochtend om 9 uur wakker en zegt als eerste: "Nu zitten ze in Nederland op school." "Sterker nog," antwoord ik "ze zijn al haast weer klaar!" Zes uur tijdsverschil is soms bizar. Nu school weer begonnen is, zoeken we contact met de leerkrachten thuis. Meester Henk mailt enthousiast terug en belooft ons op de hoogte te houden van de vorderingen in de klas. Het is leuk voor de kinderen even contact te hebben met het thuisfront. Maar het belangrijkste blijft echter hun eigen motivatie - al realiseren ze zich inmiddels dondersgoed wat de consequenties van een gebrek hieraan motivatie zal zijn: een jaar zittenblijven! En die prijs is geen van drieën bereid te betalen. Stel je voor!!

Hablar Español? Si un poco...Sucre blijkt de aangewezen plaats te zijn om Spaans te leren. Op bijna elke straathoek kom je wel een bureau of instituut tegen. En ook hier zijn de prijzen zijn voor Europese begrippen een lachertje. Wij besluiten ons voorspelbaar te gedragen en hier Spaans te leren. We huren voor 7 euro per uur een privé-lerares in die ons gedurende anderhalf uur per dag in rap tempo de basisbeginselen van Spaans bijbrengt. De kinderen 's morgens school, wij 's avonds. Het lijkt wel zo eerlijk.

Maar na een goede week Sucre begint het weer te kriebelen. Wat wordt de volgende etappe? We besluiten de koude van de zoutvlakten op te gaan zoeken. We hebben inmiddels teveel wervende verhalen gehoord om dit wereldwonder van de moderne tijd te kunnen negeren. Als we uiteindelijk verder trekken richting Salar de Uyuni, is dat echter met weemoed in het hart. We zijn intussen toch een beetje verliefd geworden op Sucre! Weer een plek die ons vele mooie ervaringen heeft geschonken. En weer plek die we achter ons laten.

Maar dat is nu eenmaal de ambivalente aard van een wereldreiziger... Wat je mooi vindt, moet je weer loslaten, om het volgende te kunnen omarmen.

zaterdag 19 september 2009

It's a small world

De wereld blijkt klein in Bolivia - en klein op vele manieren. Het begon bij onze eerste overstap in Santa Cruz. We staan met een kleine honderd Bolivianen te wachten in de vertrekhal en opeens valt het op: Marjolein is groter dan alle aanwezige Bolivianen! Micky Fleur en Daan zijn vrijwel net zo groot als de gemiddelde volwassene! We kunnen het ons niet voorstellen, maar de mensen zijn hier niet veel groter dan 140. "Hoe groot ben jij??" vraagt een jongen in een winkel in Copacabana aan Eric als hij zonder moeite iets van het bovenste schap pakt, waar normaal een krukje voor gebruikt wordt. "Bijna 2 meter." antwoordt Eric. "En hoe groot is dan de langste man van de wereld?" vraagt de jongen van 1m30 zich in verwondering af - bijna twee meter is in dit land écht oneindig lang...

Of het de genen zijn, de barre levensomstandigheden, of de grote hoogte, maar de mensen worden hier niet veel groter dan 1m50. En dat leidt nog wel eens tot misverstanden en bizarre situaties. Zeker rond onze niet klein uitgevallen kinderen. Zo is Daan (van 8) bijna net zo groot als de gemiddelde puber van 14/15 jaar alhier. Hij valt met zijn blonde haren en blitse zonnebril bijzonder in de smaak bij de giechelende pubermeiden. Als we hem dit uitleggen, lacht hij besmuikt. Als er iets is waar Daan nog niet mee bezig is, dan is het wel meiden. Dat is nog een andere wereld voor hem. Als zus zijn meiden wel ok, maar verder!? De meiden en jongens uitten op hun beurt verbaasde kreten als ze horen dat Daan nog maar 8 is...

Cambio?
Ook in financieel opzicht is de wereld hier klein. We waren al enigszins gewaarschuwd toen op het vliegveld van Santa Cruz het maximum pinbare bedrag 600 Bolivianos bedroeg - omgerekend 60 euro. In onze ogen een luttel bedrag, maar al snel bleek waarom. Je kunt echter voor 150 Bolivianos rijkelijk eten en drinken met 5 personen. Het is voor ons niet voor te stellen, maar je moet 's morgens niet aankomen met 100 bolivianos als je brood (1,5 B$) of een kilo aardbeien (13 B$) wilt kopen. Met een vertwijfelde blik op het geld in je hand en de opmerking "No cambio" word je gewoon weer weggestuurd. Uit arrenmoede hebben we zelfs een keer shampoo gekocht om aan wisselgeld voor brood te komen...

We blijven ons permanent verbazen over het prijsniveau. Naar Boliviaanse begrippen zijn wij schandalig rijk. We zijn bijvoorbeeld naar Pixar's nieuwe film 'Up' geweest (in het Spaans - geen ondertiteling, evengoed hard gelachen). Grote popcorn, 2 liter frisdrank, vijf kaartjes en nog geen 8 euro kwijt - je zou er haast twee keer voor gaan! Toch is het voor de meeste Bolivianen onbereikbaar duur. Voor Nederlanders zou ik zeggen: heb je een krappe kas - neem dan deze aanbeveling aan van de Vakantieman: Boek een lange vakantie in Bolivia. Alleen de vlucht heen kost veel geld. Wij leven hier met z'n vijfen als god in Frankrijk voor een budget van nog geen 50 euro per dag. Bolivia is hier echt een andere wereld...

Madurastraat revisited
Maar in Sucre blijkt de wereld ook op een andere manier erg klein. Want zeg nu zelf: hoe groot is de kans dat je iemand tegenkomt die in hetzelfde pand heeft gewoond als jijzelf? In Nederland is die kans al niet groot, maar dat je die personen in Bolivia tegenkomt, lijkt uitgesloten. Toch woonden Robert en Dana op Madurastraat nummer 20 in de Indische buurt van Amsterdam. Waar wij bijna 20 jaar geleden op 1 hoog woonden. Indische buurt: een heerlijke wijk overigens! Het klinkt uiterst onwaarschijnlijk, maar het is niet minder waar.

Nu zijn Robert en Dana een maand in Sucre en doen vrijwilligerswerk. Bijna dagelijks zijn ze te vinden in Ñanta, een opvanghuis voor kansarme (en soms ook straat)kinderen. Ñanta biedt hen een goedkope maaltijd, helpt hen met huiswerk, ziet toe op gezondheid en hygiëne, geeft sexuele voorlichting. Een voedzame maaltijd kost hen niet meer dan 50 centavos - een halve cent! Geen wonder dat moeders regelmatig meekomen om hun maag te vullen.

Wij gaan een paar keer met Robert en Dana mee om te helpen en zijn er getuige van dat bijna honderdvijftig kinderen in Ñanta dagelijks een sprankje hoop op een betere toekomst vinden. Een hoop die levend wordt gehouden door de Nederlandse Linda, die hier sinds 2003 een van de drijvende krachten is. We nemen ons voor om bij thuiskomst de basisschool te porren voor een jaarlijkse sponsorloop. Hier kun je met weinig geld echt nog veel betekenen! We zijn blij dat we Robert en Dana zijn tegengekomen én dankzij hen Ñanta hebben leren kennen!