zaterdag 19 september 2009

It's a small world

De wereld blijkt klein in Bolivia - en klein op vele manieren. Het begon bij onze eerste overstap in Santa Cruz. We staan met een kleine honderd Bolivianen te wachten in de vertrekhal en opeens valt het op: Marjolein is groter dan alle aanwezige Bolivianen! Micky Fleur en Daan zijn vrijwel net zo groot als de gemiddelde volwassene! We kunnen het ons niet voorstellen, maar de mensen zijn hier niet veel groter dan 140. "Hoe groot ben jij??" vraagt een jongen in een winkel in Copacabana aan Eric als hij zonder moeite iets van het bovenste schap pakt, waar normaal een krukje voor gebruikt wordt. "Bijna 2 meter." antwoordt Eric. "En hoe groot is dan de langste man van de wereld?" vraagt de jongen van 1m30 zich in verwondering af - bijna twee meter is in dit land écht oneindig lang...

Of het de genen zijn, de barre levensomstandigheden, of de grote hoogte, maar de mensen worden hier niet veel groter dan 1m50. En dat leidt nog wel eens tot misverstanden en bizarre situaties. Zeker rond onze niet klein uitgevallen kinderen. Zo is Daan (van 8) bijna net zo groot als de gemiddelde puber van 14/15 jaar alhier. Hij valt met zijn blonde haren en blitse zonnebril bijzonder in de smaak bij de giechelende pubermeiden. Als we hem dit uitleggen, lacht hij besmuikt. Als er iets is waar Daan nog niet mee bezig is, dan is het wel meiden. Dat is nog een andere wereld voor hem. Als zus zijn meiden wel ok, maar verder!? De meiden en jongens uitten op hun beurt verbaasde kreten als ze horen dat Daan nog maar 8 is...

Cambio?
Ook in financieel opzicht is de wereld hier klein. We waren al enigszins gewaarschuwd toen op het vliegveld van Santa Cruz het maximum pinbare bedrag 600 Bolivianos bedroeg - omgerekend 60 euro. In onze ogen een luttel bedrag, maar al snel bleek waarom. Je kunt echter voor 150 Bolivianos rijkelijk eten en drinken met 5 personen. Het is voor ons niet voor te stellen, maar je moet 's morgens niet aankomen met 100 bolivianos als je brood (1,5 B$) of een kilo aardbeien (13 B$) wilt kopen. Met een vertwijfelde blik op het geld in je hand en de opmerking "No cambio" word je gewoon weer weggestuurd. Uit arrenmoede hebben we zelfs een keer shampoo gekocht om aan wisselgeld voor brood te komen...

We blijven ons permanent verbazen over het prijsniveau. Naar Boliviaanse begrippen zijn wij schandalig rijk. We zijn bijvoorbeeld naar Pixar's nieuwe film 'Up' geweest (in het Spaans - geen ondertiteling, evengoed hard gelachen). Grote popcorn, 2 liter frisdrank, vijf kaartjes en nog geen 8 euro kwijt - je zou er haast twee keer voor gaan! Toch is het voor de meeste Bolivianen onbereikbaar duur. Voor Nederlanders zou ik zeggen: heb je een krappe kas - neem dan deze aanbeveling aan van de Vakantieman: Boek een lange vakantie in Bolivia. Alleen de vlucht heen kost veel geld. Wij leven hier met z'n vijfen als god in Frankrijk voor een budget van nog geen 50 euro per dag. Bolivia is hier echt een andere wereld...

Madurastraat revisited
Maar in Sucre blijkt de wereld ook op een andere manier erg klein. Want zeg nu zelf: hoe groot is de kans dat je iemand tegenkomt die in hetzelfde pand heeft gewoond als jijzelf? In Nederland is die kans al niet groot, maar dat je die personen in Bolivia tegenkomt, lijkt uitgesloten. Toch woonden Robert en Dana op Madurastraat nummer 20 in de Indische buurt van Amsterdam. Waar wij bijna 20 jaar geleden op 1 hoog woonden. Indische buurt: een heerlijke wijk overigens! Het klinkt uiterst onwaarschijnlijk, maar het is niet minder waar.

Nu zijn Robert en Dana een maand in Sucre en doen vrijwilligerswerk. Bijna dagelijks zijn ze te vinden in Ñanta, een opvanghuis voor kansarme (en soms ook straat)kinderen. Ñanta biedt hen een goedkope maaltijd, helpt hen met huiswerk, ziet toe op gezondheid en hygiëne, geeft sexuele voorlichting. Een voedzame maaltijd kost hen niet meer dan 50 centavos - een halve cent! Geen wonder dat moeders regelmatig meekomen om hun maag te vullen.

Wij gaan een paar keer met Robert en Dana mee om te helpen en zijn er getuige van dat bijna honderdvijftig kinderen in Ñanta dagelijks een sprankje hoop op een betere toekomst vinden. Een hoop die levend wordt gehouden door de Nederlandse Linda, die hier sinds 2003 een van de drijvende krachten is. We nemen ons voor om bij thuiskomst de basisschool te porren voor een jaarlijkse sponsorloop. Hier kun je met weinig geld echt nog veel betekenen! We zijn blij dat we Robert en Dana zijn tegengekomen én dankzij hen Ñanta hebben leren kennen!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten