Zo voelt het even, wanneer Jan ons in de taxi naar de binnenstad van Salvador heeft gezet. Salvador, de meest Afrikaanse stad buiten Afrika. Kloppend hart van Samba en Capoeira. Een stad met drie en een half miljoen inwoners, de meeste woonachtig in sloppenwijken. Grootmoedig roept Jan voor de laatste keer de bestemming tegen de chauffeur `Elevador´ en daar gaan we.
Vlak daarvoor voor ons allemaal nog een laatste warme omhelzing en een breed zwaaiende arm die snel kleiner wordt. We gaan nu het diepe in en onze (o zo makkelijke) Nederlandstalige lifeline is doorgesneden. Al spreken we het niet uit naar elkaar, we voelen precies hetzelfde. Jan was verworden tot onze vraagbaak, onze gevraagde en ongevraagde raadgever, onze Lonely Planet-in-the-flesh.
De taxichauffeur zet ons keurig af onder aan de grote lift. De Elevador die de oude onderstad van Salvador verbindt met de nog oudere bovenstad waarin het schilderachtige Pelorinhou. Onderweg kunnen we met de taxichauffeur een voorzichtige conversatie opzetten in het Portugees. We voelen ons trots dat de vele lesuren niet om niet blijken. We redden ons goed met de meest elementaire woorden en zinnen. We worden begrijpen en begrijpen het merendeel van hetgeen teruggezegd wordt. We hebben dus toch een vangnet.
donderdag 23 juli 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten